Om 4u25 gaat de wekker, ik wil opstaan maar mijn lief trekt me nog even tegen zich aan.
“Goede reis en ook veel plezier” fluistert hij in mijn oor.
Ik sta op en zet de keukendeur open, ik laat een klein beetje frisse lucht binnen tijdens deze idiote hittegolf, het is nu al dagen rond de 35 graden en het wordt nog heter. De vogels worden net wakker en geven me een gratis ochtendconcert. Bemoedigend!
Vandaag (20 juni jl.) reis ik naar Zeeland, ik kan meerijden met de vriendin van een van onze personeelsleden. We hebben bedacht om om 5 uur te vertrekken omdat het dan nog lekker koel is. Ik ga nog een keer naar mijn schoonmoeder toe, ze is bezig aan het allerlaatste deel van haar leven. Wanneer het precies eindigt weet niemand, maar lang zal het niet meer duren. Na allerlei verontrustende berichten afgelopen week, kreeg ik opeens de onbedwingbare behoefte om haar nog één keer te zien en te spreken. En dus regelde ik een op-en-neertje.
Onze reis is lang en warm, natuurlijk hebben we file bij Antwerpen, maar we komen er om half 2 aan. Ik stap over in de auto van mijn zwager, die zo lief is me op te halen, haal een broodje smos met belegen kaas (mjam) en we rijden naar Vlissingen. Ik drink met hem een kop thee in de tuin, in Nederland is het heerlijk koel vergeleken met de ruim 35 graden thuis. Dan stap ik op de fiets en rij naar mijn schoonouders.
Het is ontluisterend om iemand zo te zien aftakelen. Mijn schoonmoeder is niet meer dan een hoopje botten met een velletje. Gelukkig heeft ze haar gebit weer in, maar ze heeft erg veel pijn in haar keel, wang en kaak. Er is twee dagen geleden een mobiele morfine pomp aangesloten, die haar helpt om zelf de pijn beter onder controle te krijgen. We zitten buiten aan de prachtige grote houten tafel onder de luifel, er staat een frisse zeebries. We kijken samen naar de gekke capriolen van de loopeenden, de woerd verdedigd zijn territorium. Kwakend loopt hij de vrouwtjes achterna en ‘beschermt’ hen tegen Kareltje Knip (de maairobot). De kippen scharrelen naarstig in hun hok en nemen een stofbad. De vogels fluiten, de rozen staan magnifiek te bloeien. Het is mijn schoonmoeder haar trots, dit paradijs, van haar heb ik geleerd hoe rozen te snoeien voor optimale bloei. De katten komen kopjes geven aan haar benen en dan klaart haar hele gezicht op.
We babbelen wat, ze probeert te drinken, dat gaat redelijk. Eten lukt nauwelijks meer, maar een sonde kan niet meer geplaatst worden, een narcose kan haar uitgemergelde lichaam niet meer aan. Ze rookt nog een sigaret. We lachen om de gekke eenden, maken een flauwe grap. Ze geniet zichtbaar van dit moment, van het weer, haar dieren, de bloeiende tuin. Deze taaie vrouw, die een ongelooflijk zwaar leven heeft gehad, geeft niet zomaar op. Zolang ze deze momenten heeft, kan genieten van haar kleine paradijsje, een slokje slappe citroenlimonde, een voetbalwedstrijd, gaat ze nog door.
Wij verwonderen ons allemaal, misschien zou het beter zijn als ze los liet. Voor zichzelf, maar ook voor haar man, die wegkwijnt in de zorg om haar. Zichzelf volledig wegcijfert. Natuurlijk doet hij dat, hij houdt van haar. Ik zou dat ook doen voor mijn lief en hij voor mij. Maar hij moet het wel volhouden, zo lang als het duurt. Na twee uur neem ik afscheid, ze kunnen zo lekker voetbal gaan kijken, dat geeft wat afleiding. Ze eten samen nog soep, later vanavond. Alles is gezegd, niks bijzonders. Het is de laatste keer dat ik haar voorzichtig knuffel, ik ben bang haar te breken, ze weegt nog maar 35 kilo. Er komen geen speciale woorden uit mijn mond en ook niet uit de hare. Het is een afscheid in aanwezigheid.
De volgende dag wippen mijn zwager en ik nog even langs. Mijn schoonvader zegt dat ik er goed aan heb gedaan nog langs te komen. Mijn schoonmoeder slaapt. Het is goed geweest zo. Ze stuurt me een appje als ik in de trein zit, ze vond het fijn dat ik er was. Ik stuur haar bloemen, ik stuur haar af en toe een foto van onze prachtige omgeving. Haar geliefde Frankrijk waar ze zo graag verbleef. Ze kan er niet meer heen, ze kan alleen nog in haar eigen huis zijn, met de traplift naar boven en beneden. En toch is het voor nu genoeg. Ze zou een voorbeeld voor velen kunnen zijn, hoe te genieten van de allerkleinste dingen die het leven je biedt. Nog één sigaret, nog één klein slokje wijn. Ze is nog niet klaar met het leven, ook al is het leven wel klaar met haar.
Ze heeft het nog lang volgehouden, vanavond op 20 juli 2026 is zij vredig ingeslapen.